Jan van Steendelaar
In 1931 vestigt een lange, markante man met spierwit haar zich in Soest: Gerrit Govaars, de eerste Heilsoldaat in Nederland. Hij komt de rust opzoeken na een carrière bij het Leger Des Heils, die hem op tal van plekken in de wereld bracht. Jan van Steendelaar beschrifft in dit artikel zijn boeiende loopbaan.
De eerste Nederlandse Heilsoldaat en -officier, Gerrit Govaars, wiens naam nog steeds voortleeft in de kring van het Leger des Heils.
Bijna zeventig jaar geleden, op dinsdag 26 oktober 1954, kenmerkte een begrafenis in Soest zich door dezelfde blijheid waarmee de overledene had geleefd. Het was geen stille, droeve stoet die bij zijn huis aan de Vosseveldlaan 28 vertrok. Integendeel: vlaggen, muziek en gezang begeleidden de eerste soldaat van het Leger des Heils in Nederland, Gerrit Jurriaan Govaars (1866-1954), op zijn laatste tocht naar de Algemene Begraafplaats op de Eng. Hij had zich na zijn werkzame leven, dat hem tot ver over de grenzen bracht, in Soest gevestigd. Hier wilde hij de drukte van de stad ontvluchten. Hij overleed op 88-jarige leeftijd. Honderden namen door gebed, getuigenis en zang afscheid van een uniek mens.
Zijn kennismaking met het Leger des Heils
De jonge Govaars was niet voorbestemd om bij het Leger te gaan. Hij studeerde in Nijmegen voor onderwijzer. In 1885 behaalde hij zijn onderwijsakte. Doordat hij werd vrijgeloot voor militaire dienst kon hij eerder dan gedacht als onderwijzer aan de slag. Hij stond echter maar een paar maanden als invalkracht voor de klas van een gereformeerde school

Een stoet Heilofficieren, cadetten en soldaten verlaat de Vosseveldlaan op weg naar de begraafplaats op de Eng.
Toen de onderwijzer terugkwam wiens plaats hij tijdelijk had ingenomen, zat hij zonder werk. Eenmaal thuis merkte zijn vader, die hij maar kort heeft gekend, vlak voor zijn overlijden bij het lezen van een artikel in de krant op: "Als ze zo tegen dat Salvation Army (de Engelse benaming van het Leger des Heils) schrijven, moet er bepaald iets goeds in zitten."
Later kwam die opmerking in de herinnering van Govaars junior terug. Pas zeventien jaar oud was hij al aanhanger van het Leger, hoewel hij daar nog geen deel van uitmaakte. Dat was pas twee jaar later, in 1885, kort nadat commissionair Railton uit Zuid-Afrika naar Nederland kwam om de Nederlandse uitgave van 'Engelse Leger des Heilsliederen' voor te bereiden. Eerder had Govaars een Franse vriend geschreven met het verzoek hem het koperen embleem met de S-en te sturen die de Franse Heilsoldaten op de kraag droegen.[1] Zijn moeder heeft die S-en op zijn zondagse jas genaaid.
Govaars droeg deze, omdat hij had gemerkt dat dit meestal aanleiding was voor een gesprek over het geloof.
Zijn Franse vriend nodigde hem uit mee te gaan naar Londen om daar de "Franse Legerliederen" in het Nederlands te vertalen. Verlangend als hij was om het Leger des Heils te zien én Londen, vertrok hij naar Engeland. Voor een paar weken, dacht hij toen. Het werden maanden, want de drukproeven van de vertalingen lieten op zich wachten.
Jack the Ripper
Daardoor was hij in de gelegenheid het werk van het Leger des Heils te zien in White Chapel Road.Het was een buurt waar geen straat was zonder een paar politieagenten. Het was ook de tijd van JacktheRipper, die, in dezelfde buurt waar de grauwste onderwereld van Londen leefde en huishield, zijn vijf berucht geworden moorden pleegde. Het was ook de periode waarin het Engelse Leger des Heils de strijd aanbond tegen de welig tierende handel in minderjarige meisjes. Gerrit Govaars werkte mee in die strijd en in die buurten waar de tegenstand groot was. En toen op een congres de vrouw van WilliamBooth,de stichter van het Leger des Heils, hem vroeg of dit werk van evangelisatie onder de armsten en ellendigsten hem niet de moeite waard leek om er zijn hele leven aan te wijden, zei hij zonder aarzelen "ja".
Zijn zendingswerk in het buitenland
Hij werd, nog geen twintig jaar oud, aangenomen in het Leger, waarin hij al snel luitenant werd. Eén van zijn eerste opdrachten was naar Duitsland te gaan om te trachten ook daar het Leger des Heils te introduceren. Hij vertrok in 1887 naar Stuttgart, waar de tegenstand, speciaal van kerkelijke zijde, zeer groot was. De kranten in Duitsland hadden allesbehalve vriendelijk geschreven over het steeds groeiende Leger des Heils, dat ze maar een "Engels gedoe" vonden dat niet in Duitsland thuishoorde. Maar de eerste bijeenkomsten waren een succes en direct al "bekeerden zestien bezoekers zich tot God". Die eerste bekeerlingen werden tevens zijn eerste medewerkers.

Eerste foto van de officieren van het Leger des Heils, gemaakt eind 1887. Zittend tweede van rechts, met viool, Gerrit Govaars
De reis naar Stuttgart was het begin van het zwervend leven van de inmiddels 21-jarige Govaars, in Europa en daarbuiten. Eerst deed hij nog Amsterdam aan, waar hij op 1 mei 1887 samen met een Engels officier, stafkapitein J. F.Tyler, op het adres Gerard Doustraat 69 de Legerarbeid in Nederland begon. Die eerste tijd was niet altijd even gemakkelijk. Govaars bleef dan ook niet verschoond van bijvoorbeeld "geel oker en roet", [2] toentertijd een bekende, afkeurende uiting van tegenstanders. De scheldwoorden liet hij altijd buiten beschouwing als hem gevraagd of hij wel eens tegenwerking ontmoette.
Saillant is het verhaal dat een predikant te Ede toentertijd van de kansel verkondigde "dat het Leger des Heils het rode beest is waarvan in de Openbaring wordt gesproken en dat dient verdelgd te worden". De boeren uit Ede volgden zijn raad op en sloegen bij een oude vrouw, die haar huis aan het Leger had afgestaan om behoeftigen te helpen, alles kort en klein. (Govaars in een interview in het Parool, 6 mei 1952). Haar dochter is later Heilsofficier geworden.
----
Het Leger des Heils in Nederland
Het Leger desNeils (Engels: The Salvation Army) is een wereldomvattend evangelisch kerkgenootschap. Het werd op 2 juli 1865 onder de naam East London Revival Society in Londen opgericht door WilliamBooth.
In Nederland werd het Leger op 1 mei 1887 opgericht. Initiatiefnemer was Gerrit Govaars. Hij vestigde zich in 1931 in Soest. Daar was hij ook na zijn pensionering in dat jaar nog actief, onder meer voor het kindertehuis Lindenhorst in de afgebroken villa Parsenn aan de Beukenlaan, nu de Chalonhof.
Het Leger des Heils combineert de verkondiging met het praktiseren van de geloofsovertuiging in de vorm van directe maatschappelijke hulpverlening aan diegenen in de samenleving die geen helper hebben, zoals daklozen, prostituees en verslaafden. Het Leger heeft een organisatiemodel dat lijkt op dat van een krijgsmacht. De bestuurders hebben dan ook vergelijkbare, militaire rangen, van soldaat tot generaal. De op één na hoogste rang is die van kolonel, de rang die Gerrit Govaars bereikte. Sinds 2018 is generaal Brian Peddle Hoofd van het Leger.
Vóór 1988 was het Leger des Heils in Nederland, juridisch gezien, een kerkgenootschap. Om beter aan te kunnen sluiten bij de maatschappelijke ontwikkelingen en tegemoet te komen aan eisen van de overheid, vond in 1988 een juridische herstructurering plaats. Sindsdien bestaat het Leger des Heils in Nederland uit meerdere rechtspersonen.
----
In 1891 gaf de inmiddels tot stafkapitein bevorderde Govaars de stoot tot het eerste sociale werk van het Leger. In de strenge winter van dat jaar werden er in Amsterdam voor zwervers zalen geopend waar zij een warm dak boven hun hoofd vonden en soep kregen. In 1902 trouwde Govaars met de Engelse Heilssoldate Mary Jane Wilson. Zeven jaar later vertrok hij naar Sint-Petersburg om met de autoriteiten de mogelijkheden tot stichting van een Russisch Leger des Heils te bespreken. Onder tsaar Alexander IIIheeft het echter nimmer een kans gehad. Pas na de revolutie, onder Kerensky, van 1917 tot 1922, heeft het Leger er kunnen werken. Toen Lenin aan de macht kwam was het voorgoed afgelopen.

Een trotse moeder Govaars met drie zoons. De tweede van rechts is Gerrit
In Indonesië, waar hem van 1909 tot 1912 het bevel van het Leger was opgedragen, stichtte Govaars een melaatsenkolonie en leidde er vrouwen- en kinderhuizen. Wie hem over die periode van drie jaar sprak, kreeg steevast het verhaal te horen hoe ziek hij daar werd. Zijn vrouw kocht zelfs een graf voor hem. "Maar ik heb er nooit gebruik van gemaakt", zo eindigde hij zijn verhaal dan.
Militair tehuis
Een schenking van 12.000 gulden als resultaat van een inzameling van het Leger in Nieuw-Zeeland bracht hem in de Eerste Wereldoorlog naar Servië. Het was bekend dat daar sprake was van een vreselijke toestand voor de oorlogsslachtoffers onder de arme en berooide bevolking. Ook de Engelse militairen hadden het zwaar. Dankzij die schenking uit Nieuw-Zeeland slaagde Govaars erin hun leven enigszins draaglijker te maken. Voor de militairen stichtte hij het eerste militaire tehuis ter wereld. Een voorbeeld dat later wereldwijd navolging kreeg.
Na het beëindigen van de Eerste Wereldoorlog, toen er hongersnood uitbrak in Servië en omliggende landen, voerde het Leger des Heilswerk hem opnieuw daarheen, en vervolgens naar de Krim en Bulgarije. Daarna werd hij gedurende enkele jaren leider van het Leger des Heils in België.
De inmiddels tot kolonel bevorderde Govaars ontving van de koning van Servië een bijzondere onderscheiding voor zijn uitnemende diensten bij het werk onder de oorlogsslachtoffers. In 1937 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. In 1947 werd hem, één van de weinige overgebleven Heilsofficieren die WilliamBoothpersoonlijk hadden gekend, de Orde van de Stichter toegekend.
Met pensioen in Soest
Na een werkzaam leven vestigde hij zich in 1931 ("toen werd ik 65 en toen ben ik afgedankt", zei hij met zelfspot), aan de Vosseveldlaan 28 in Soest. Zijn vrouw heeft hem na zijn pensionering in Soest nog slechts twee jaar gezelschap kunnen houden. Zij werd in 1933 geroepen tot hoger dienst. In Soest werd Govaars niet alleen door zijn lengte een bekende en markante verschijning. Hij viel ook op door zijn wapperende, dikke, spierwitte haardos, waardoor hij veel weg had van zijn tijdgenoot George Bernhard Shaw. Een Heilssoldaat is echter nooit op non-actief. In de jaren tot zijn overlijden in 1954 zette Govaars zich nog bij tal van gelegenheden in voor het Leger des Heils. Waar hij kon droeg hij de beginselen van het Leger uit en trad hij zingend en vioolspelend op.

Tekening van Johan Brakensiek in weekblad De Amsterdammer,
staande in het midden met viool Gerrit Govaars tijdens een bijeenkomst
van het Leger des Heils te Amsterdam
Hij hielp in de oorlog mee om toezicht te houden op de bezittingen van het Leger en na de bevrijding aan de heropbouw van het Leger. Zo hield hij toezicht op het kindertehuis van het Leger des Heils in Soest, dat in het begin van de Tweede Wereldoorlog was gesticht in de voormalige villa Parsenn, Beukenlaan 1, onder de naam lindenhorst'. Dit kindertehuis werd in 1946 gesloten. [3] Hij bracht er regelmatig een bezoek aan: hij hoefde immers niet van ver te komen, want hij woonde op de Vosseveldlaan 28. Daar kreeg hij vaak bezoek van mensen die hem om advies kwamen vragen.
In 1954 werd Gerrit, 88 jaar oud, bevorderd tot Heerlijkheid. Met hem ging niet alleen een bekend inwoner van Soest, maar bovenal een sociaal bewogen mens heen, de man die niet alleen de eerste Nederlandse Heilssoldaat was, maar ook de eerste Heilsofficier in Nederland. Weinigen zullen zich hem nog herinneren. In de kring van het Leger des Heils leeft zijn naam echter voort.

Het graf nummer 98 waar zijn vrouw en hij begraven zijn op veld 1, Vak A (zie foto), bestaat niet meer.
Na 25 jaar (in 1979 dus) heeft de familie afstand gedaan van de grafrechten.
Daarna is de steen weggehaald. Het is bij de gemeente niet bekend of toen ook het graf geruimd is.
Bronnen
• Strijdkreet, o.a. van 6 mei 1933
• De Eigen Zender van 29 oktober 1954
• Het Parool van 6 mei 1952
• Amersfoortse Courant
• Orale historie: families Van Dijk en Damsma, resp. Vosseveldlaan 26 en 47
NOTEN
[1] De S-enstonden voor 'soup, soap, salvation'
[2] Het 'geel en oker' waren toentertijd stoffen die gebruikt werden om mensen mee te besmeuren met wie men (in dit geval tegenstanders van het Leger) het niet eens was. Govaars is daar een paar keer mee bekogeld. (Interview in het Parool)
[3] Voor de geschiedenis van o.a. Lindenhorst zie de site 'Verdwenen Soest': www.verdwenensoest.nl/artikel/1016/kinderhuis-lindenhorst

Historische Vereniging Soest/Soesterberg
Steenhoffstraat 46
3764 BM Soest
De Historische Vereniging Soest/Soesterberg heeft een ANBI-status.