Evert Akkerman de petroleumventer

Evert Akkerman de petroleumventer.

Bakkersfamilie Van den Oord voor hun winkel aan het Kerkpad. (1925)

Bakkersfamilie Van den Oord voor hun winkel aan het Kerkpad. (1925)

10 jarig bestaan van rijwielhandel en autoverhuur Klomp. (1935)

10 jarig bestaan van rijwielhandel en autoverhuur Klomp. (1935)

Firma A. Benning aan de F.C. Kuyperstraat.

Firma A. Benning aan de F.C. Kuyperstraat.

Wandel- en Rijwielkaart. (1938)

Wandel- en rijwielkaart. (1938)

Valkenet, smidse, winkel in haarden en kachels

Valkenet, smidse, winkel in haarden en kachels 1935

Patatautomaat Koninginnelaan

Patatautomaat Koninginnelaan jaren '60

Noodsupermarkt Overhees

Noodsupermarkt Overhees 1976

Bevrijdingsoptocht 1955

Bevrijdingsoptocht 1955; wagen Gymnastiekvereniging Olympia

Menu

Het belang van Sint Lambertus voor Soest

Jos G.M. Hilhorst

Oudere katholieken kunnen zich misschien nog wel de litanie van Allerheiligen herinneren. Door het aanroepen van deze heilige gevolgd door het verzoek 'bid voor ons', hoopte zij op voorspraak in het hiernamaals. Dit gebed was misschien nog wel een overblijfsel uit de tijd dat het dagelijks leven om 'heiligen' draaiden, want de kalender was gebaseerd op de naamdagen van deze heiligen. Jos.G.M Hilhorst en zijn inmiddels overleden oudere broer Jan H.M Hilhorst hebben de oudere geschiedenis van Soest uitgebreid bestudeerd en veel van bevindingen kunt u nalezen in hun boek: "Soest, Hees en De Birkt van de achtste tot de zeventiende eeuw". De redactie is de auteur erkentelijk voor de bijdrage in dit blad.

Het is tot nu toe niet bekend welke heilige in de middeleeuwen de schutspatroon was van de parochiekerk van Soest. Vaak wordt aangenomen dat dit Sint Paulus was, omdat deze kerk een eigenkerk was van de Utrechtse Sint Paulusabdij en omdat andere door de abdij gestichte kerken deze heilige als patroon hadden. Ook wordt wel gezegd dat Petrus en Paulus als zodanig waren aangewezen. Niettemin is nog geen geschreven bron bekend waaruit blijkt dat een van deze veronderstellingen met de feiten overeenstemt. Hoe dan ook, de schutspatroon van een kerk werd meestal herdacht met een eenvoudige plechtigheid in de kerk. Er bestond ook een ander bij het kerkgebouw behorend feest. Dat viel op de dag dat de kerkwijding werd herdacht. Uit het onderstaande moge blijken dat voor Soest die datum en de op die dag te herdenken heilige wel bekend zijn.Hieronder wordt eerst iets gezegd over de manier waarop in de middeleeuwen de datum van een akte werd vastgelegd. Daarna komen aan de orde enkele in Soest verleden akten en tenslotte de betekenis van Sint Lambertus.

Datering
Meestal gaf men in de middeleeuwen de datum van de dag waarop een akte was geschreven met de naam van de heilige die op deze dag werd herdacht of met het aantal dagen daarvoor of daarna. Traditioneel werd de kalender bijgehouden door de geestelijkheid: die wist wanneer het 25 december was of 6 januari. Deze laatste dag (Driekoningen) werd vaak met het woord dertiendaghe aangeduid, de dertiende dag na Kerstmis. Door hun belang waren deze feestdagen welbekend. Hetzelfde gold voor sommige andere heiligendagen en zo was het dagelijks leven verbonden met het gedenken van door de Kerk uitgekozen mensen uit het verleden op door de Kerk bepaalde dagen in het jaar. De heiligenkalender was dus een voor velen bekende bron voor datumvermeldingen.In de regeringsperiode van de Utrechtse bisschop David van Bourgondië, dat wil zeggen in de tweede helft van de vijftiende eeuw, kwam in het Sticht aan deze wijze van dateren het begin van het einde. De datering van de meeste van zijn in Wijk bij Duurstede verleden akten noemde, naast het jaar, de naam van de maand en het nummer van de dag.

Vastgelegde betaaldagen
Voor de boeren van Eemland bestond een aantal belangrijke betaaldagen. Dit waren Sint-Maartensmis (11 november), omdat dit de dag was waarop betalingen aan het domein van de bisschop vervielen en Willibrordsdag (7 november), de dag waarop de tijns aan de abt van de Sint-Paulusabdij moest worden betaald. De derde in Eemland belangrijke eigenaar van grond was het St-Vitusstift te Elten. In het uit circa 1400 daterende tijnsboek van dit stift staat onder meer: Die hiernae besceven staen die sint sculdig alle jaer op Sunte Lam bertsmisse smallen teenden ende vlas inden hoff to Appel'. Sint Lambertsdag viel op 17 september. Lambertus was bisschop van Maastricht toen hij in de nacht van 16 op 17 september 706 werd vermoord. Die moord hield verband met een familieruzie waarin hij optrad als verdediger van de huwelijkstrouw. Al snel na zijn dood werd hij vereerd als martelaar. Zijn herdenkingsdag werd op 17 september gevierd. Deze heilige werd in Soest vaak vermeld en dan meestal als de dag waarop een schuld voldaan diende te zijn. Dit blijkt uit een voorlopig onderzoek van door particulieren voor het gerecht van Soest overeengekomen betaaldagen. 

Voor een groot aantal akten waarin werd vastgelegd wanneer een tussen twee mannen overeengekomen bedrag moest worden betaald, is nagegaan welke datum (dus heilige) daarin werd genoemd. Het bleek dat de twee meest in de 16de eeuw genoemde van deze dagen in Eemland de dag van de kermis en Sint-Lambertusdag waren. Hieronder volgen enkele voorbeelden: 31-12- 1529: Desgelijcs een hoeve lants tot Zoest ende betaelt van wedergelt Martini ende Lamberts elck halff hoeff vijff gulden xii leetrwe voir den gulden.' 24-6-1533: Peter Peter Rutgersz gift over Roeloff Petersz als deken van sinte Anthonis tot behoef sinte Anthonis in Zoest Kerrick dat hij betaelen sall nu sinte Lamberts dach naest koemende xiiii stuivers ende sinte Lam berd dair naest volgende noch xiiii stuivers'. En: 17-9-1534: Die bueren van Zoest hebben bestaet die brugge op Zoest dyck aen Steven Claes Symmens durende sestien jaren comende ingaende anno 1534 op sinte Lam bersdach geven sess gulden 4.

Ook in Amersfoort werd Lambertdag wel gebruikt om een betaaldag aan te wijzen. In 1464 werd op zaterdag na Sint-Urbanusdach geschreven: AlbertDyer de cuper beliet Peter Bot Volquins en Willem Reygen xv gulden te betaelen mit een oirt op sente Lambertusdach". Sint-Lambertusdag kon natuurlijk ook worden genoemd in akten die niet met betaling te maken hadden. Zo gaf in 1414 het Amersfoortse gerecht op maandag na Sint-Lambertus-dag een verklaring6terwijl op Hoogland de schout van de Sint-Paulusabdij in de maalschap in 1423 op sinte Lam bertsdach een transportakte zegelde' en hetzelfde geldt voor de schrijver van de stad Utrecht in 1441 bij het oordeel van de stad over een doodslag'. De meest interessante vermelding van Sint Lambertus is wel de volgende: 11-1- 1521: Henrick Reynss mit Anthonia sijn echte wiff hebben belijt schuldich te wesen die karrick van Zoest mit sinte Anna in Zoest kaarcke (het St-Anna-altaar) drie gouden gulden van gewicht dair sy die een termyn nu off betaelen sullen na sinte Lambert off onse kermisse int jaer van XXii ende die ander termijn int fair van xxiii ende die derde termijn int fair van xxiiiitheweten ellicke termijn een gouden gulden'. De volgende verklaring noemt geen heilige, maar wel dezelfde datum: 26-5-1522: Thonis Beernts bekent zijn broer Jacob Scay 25 Philipsgulden schuldig te zijn, te betalen aanstaande Soester kermis'°.

De kerkwijdingsdag
Het is van zeker belang dat het niet de patroonheilige van de parochiekerk was die aanleiding gaf tot feestelijkheden buiten de kerk, maar de heilige op wiens feestdag de kerk was gewijd. Vaak ging die herdenking gepaard met een feest en een markt, die ook de mogelijkheden voor volksvermaak verschafte. Dit was de dag van de kercmisse, een woord waaruit het woord kermis is ontstaan. Het vetgedrukte deel van de hierboven aangehaalde akte uit 1521 geeft aanleiding tot het vermoeden dat de kermis in Soest samenviel met de wijdingsdag van de kerk, dat wil zeggen, op 17 september. Dit vermoeden wordt versterkt door het feit dat de rekeningen van de Soester kerk liepen van Sint-Lambertus van het ene jaar tot Sint-Lambertusdag van het volgende jaar". Het was dus op die dag dat de kerk als gebedshuis in gebruik kon worden genomen en dat het gebouw werd overgedragen aan de kerkmeesters. Deze datum is na de reformatie gehandhaafd.

Uit het bovenstaande blijkt dat de vermeldingen van Sint-Lambertusmis als betaaldag slechts uit het begin van de 16de eeuw stammen. Dat betekent evenwel niet dat de kermis in Soest pas toen is ontstaan. De gegevens over vroegere jaren ontbreken echter als gevolg van het feit dat het archief van het Soester gerecht niet verder teruggaat. Het archief van de Sint-Paulusabdij kent vele oudere vermeldingen maar daarin komen niet voor de afspraken die tussen Soester buren werden gemaakt. Toch vindt men daar ook relevante informatie over het gewone leven in Soest en omgeving. Zo wordt op 26 maart 1414 een notitie geplaatst die als volgt kan worden samengevat: Lambert van Veenmael Henricx zal in 1418 het goed Hagherhorst te Hamersveld voor 16 goede oude gouden Vranckrijkse schilden te huur krijgen, zoals het nu door Lambert Reynerszoon gehuurd wordt. Hij moet de pacht betalen op de proosdij van Heiligenberg. Ook moet hij vier vette ganzen brengen 's avonds voor de kermis als er kermis is te Heiligenbere. Als al bij de proosdij van de Sint-Paulusabdij in 1414 kermis wordt gevierd, dan mag worden aangenomen dat ook in Soest, dat zo'n belangrijke band had met deze abdij, in die tijd al kermis werd gevierd. Hoe dan ook, zoals uit de aangehaalde stukken blijkt wilden de Soester buren die de kermis als betaaldag stipuleerden, kennelijk op 17 september genoeg middelen hebben om goed met de kermis mee te kunnen doen.

[1] N.C.Kist, Her Neerologieum en het I_Vnshoek van het Adelijk Juijeren-Still te Hoog Elten; medegedeeld uit het onuitgegeven oorspronkelijk handschrift, Nieuw Archief voor Kerkelijke Geschiedenis inzonderheid van Nederland, deelII. 1854: p 137.
[2] Het Utrechts Archief (hierna HUA), Financiele Instellingen (R37): 111* 1 6lb7v.
[3] HUA, Rechterlijke Archieven (hierna R4) 1143: fb 141r.
[4] HIM,RA 1143: fo 46v.
[5] Het Eemlands Archief (REA) Amersfoorts Resolutieboek 1464-1471: fo
[6] HEA: Amersfoortse charterverzameling nr 172.
[7] J. de Hullu en S.A. WallerZepen Catalogus van de archieven van de Kleine Kapittelen en Kloosters, Utrecht. 1905 (hiernaKKK)367: fi) 1 r&v.
[8] HUA, Buurtspraakboek 1440-1446: fo 55
[9] HUA RA 1143:lb82r
[10] HUA, RA 1143: 1b1 167v.
[11] G.J.M Derks en MA Heurneman: Soest in de zeventiende en achttiende eeuw Soest/ Soesterberg, 2010: p. 129.
[12] HUA,KKK505-1: jbl 325v

Contact

Historische Vereniging Soest/Soesterberg
Steenhoffstraat 46
3764 BM Soest




De Historische Vereniging Soest/Soesterberg heeft een ANBI-status.

Word lid

Lid worden van de Historische Vereniging Soest-Soesterberg.

Lid worden

Sponsor

Historische Vereniging Soest / Soesterberg is mede mogelijk gemaakt door:

Reto