Roomen van-de Bruin, Door (1941- ) (17 februari 1941)
Geïnterviewd door
Hans van Hees
Adres
Beverstein 11
Geboren
Oude Grachtje
Bijzonderheden
boerin (e.v. Wim van Roomen)
track 1
Dit interview is af- en opgenomen op 24 februari 2026. Voor de stamboom van Door klik hier) (Personen die nog in leven zijn, zijn om privacyredenen niet zichtbaar)
Voor een filmpje over de Grote Melm en Wim van Roomen klik hier)
Door vertelt over haar jeugd aan het Oude Grachtje in het Soesterveen vlakbij de plek waar nu theater Idea staat. Ze leerde daar op de boerderij van haar vader onder andere koeien melken. Ze noemt als buren de familie van den Heuvel, Jitse Doper, de familie Wigtman en de familie Roest. Ze hadden het daar goed. Ze vertelt over slachter Gradus Spijker en over evacuees uit Arnhem aan het eind van de oorlog. Ze liepen iedere dag met heel stel kinderen eerst naar de kerk en vervolgens naar de st. Jozefschool. Ze noemt onder andere juffrouw Nijhuis. Na de VGLO en de Naaischool werd ze huishoudelijke hulp bij de familie Visser aan de Steenhoffstraat. Ze vertelt met liefde over de saamhorigheid in het Soesterveen,
track 2
Ze vertelt over haar jeugdjaren en hoe ze echtgenoot Wim van Roomen ontmoette. Hun bruiloft moest worden uitgesteld omdat haar schoonvader overleed. Omdat haar moeder was overleden werkte ze een tijdje in haar ouderlijk huis. Toen ze trouwde nam een volgende zus dat werk over. “Zo ging dat”. Ze vertelt over de buren op de Grote Melm en de zorg voor haar schoonmoeder en haar zwager Gerard (die samen met echtgenoot Wim de boerderij bestierde). Ze werkte mee op de boerderij en ze kregen drie kinderen. Via de Wet op de investeringsrekening (WIR) konden ze vrij gemakkelijk geld lenen om te investeren. Ze leerde zichzelf kaas maken. Op een gegeven moment gingen ze schapen houden. Door gebrek aan een opvolger zijn ze gestopt met boeren.
track 3
Ze vertelt over het natuurleven rond de Melm. Onder andere het zoeken van de (toen nog) vele kivietseieren gaf haar veel plezier. Die waren erg lekker en de eerste eieren waren voor pastoor Lommerse.
Toen Wim overleed merkte ze dat aan het gedrag van een knobbelzwaan en een tureluur, Ze vertelt over haar schoonvader die kon “belezen” (pijnbestrijden) en waarom die gave niet is doorgegeven aan haar man Wim.
Mensen helpen was vanzelfsprekend. Onder andere communiekleding maken van “stof van de nonnetjes”. Ze zat bij het KGV (Katholiek VrouwenGilde) wat bijdroeg aan de ontplooiing van vrouwen. Ans Greefhorst en Cor Limburg Brouwer waren de eerste voorzitters.
Toen pastoor Vos afscheid nam is de Boerendansclub ontstaan, opgericht door Jan Hilhorst uit de Birkt en echtgenoot Wim. In het begin wilde iedereen wel lid worden. Met de groep hebben ze indrukwekkende reizen gemaakt naar onder andere Salzburg en Israël.
track 4
Ze vertelt over de oorlogsjaren op de Melm. Onderduikers die uit de trein sprongen werden opgevangen. Jan van Roomen, als padvinder, hielp mee om ze over het spoor te smokkelen en in Soest af te leveren, Ook werden boten verstopt in het Visgat opdat ze niet gevorderd zouden worden.
Ik het voorhuis zaten op een gegeven moment Duitsers. Vaak kwamen mensen met een flesje aan de deur om melk te halen. Wim zijn vader had wel bij het verzet gewild maar dat mocht niet omdat hij getrouwd was en kinderen had. Toen er een lijk gevonden was op de Melm is het hele gezin tegen de muur gezet maar er was waarschijnlijk een soldaat bij die dacht “dit is te gruwelijk” dus dat is goed afgelopen. Ze heeft altijd fijn mogen wonen op de Melm!