Evert Akkerman de petroleumventer

Evert Akkerman de petroleumventer.

Bakkersfamilie Van den Oord voor hun winkel aan het Kerkpad. (1925)

Bakkersfamilie Van den Oord voor hun winkel aan het Kerkpad. (1925)

10 jarig bestaan van rijwielhandel en autoverhuur Klomp. (1935)

10 jarig bestaan van rijwielhandel en autoverhuur Klomp. (1935)

Firma A. Benning aan de F.C. Kuyperstraat.

Firma A. Benning aan de F.C. Kuyperstraat.

Wandel- en Rijwielkaart. (1938)

Wandel- en rijwielkaart. (1938)

Valkenet, smidse, winkel in haarden en kachels

Valkenet, smidse, winkel in haarden en kachels 1935

Patatautomaat Koninginnelaan

Patatautomaat Koninginnelaan jaren '60

Noodsupermarkt Overhees

Noodsupermarkt Overhees 1976

Bevrijdingsoptocht 1955

Bevrijdingsoptocht 1955; wagen Gymnastiekvereniging Olympia

Menu

Sandberg, jhr Gerhard

JONKHEER MR. GERHARD SANDBERG (1898-1935)
jurist - vlieginstructeur - voetballer - testpiloot en directielid van Fokker

door Dik Top

Sandberg werd geboren op 14 april 1898 in Rotterdam in een adellijke familie en kreeg daardoor de titel jonkheer mee. Zijn vader was jhr. ir. Frans Evert Pieter Sandberg, geboren in 1870. Hij was hoofdingenieur van Rijkswaterstaat en een periode wethouder in Baarn. Hij werd bijna honderd jaar oud. De moeder van Gerhard jonkvrouw Maria Elisabeth Reiniera van Suchteren van de Haare was 4 jaar ouder dan zijn vader. Hij had een oudere zuster Sara, geboren in 1896 en twee jongere zusters Matthia (1899) en Susanna (1903).
Hij studeerde rechten. Zijn militaire opleiding kreeg hij bij het Wapen der Cavalerie. In de rang van kornet ontving hij zijn FAI-brevet op Soesterberg op 9 juni 1923, gevolgd door zijn militaire brevet in 1924 (foto 1)
Hij was een van de sterren van het eerste elftal van de Soesterbergse voetbalclub. In 1924 was hij daar doelman.
Op 27 oktober 1926 trouwde hij in Wymbritseradeel met Theodora Maria Therese van Welderen. Zij was geboren in IJsbrechtum (villa Epemastate) op 1 februari 1904, dochter van baron dr. Johan Edzart en jkvr. Aletta Catharina van Andringe de Kempenaer.

Opvolger van Jongbloed bij De Vijf Vingers
Luitenant Jacob Jongbloed was zijn medische opleiding in Utrecht begonnen in 1922. In 1927 werd hij als arts chef van de Vliegmedische Dienst. Hij was 'vast onderdeel' van De Vijf Vingers van Versteegh, maar wegens zijn studie nam Sandberg zijn plaats als rechtsbuiten (of ‘pink’) reeds over in april 1925. Met de nieuwe Fokkers van het type C.6 werd door dit stuntteam op Soesterberg voor de eerste keer opgetreden op 14 juli 1926, maar leider Versteegh maakte in die tijd als enige van dit team nog gebruik van 'zijn' tweepersoons Fokker V.38 (foto 2).

De Vijf Vingers namen onder commando van kapitein Steup deel aan internationale wedstrijden in Zürich die duurden van 12 t/m 21 augustus 1927. De gehele afvaardiging bestond uit Steup, de 1ste luitenants Mante en Schott, Sandberg (nog 2de luitenant), sergeant-majoor Bakkenes en de sergeants Mutsaers en Rombout (foto 3) Ze vertrokken uit Soesterberg met 6 Fokkers van de types C.5/C.6. De vaste leden van het stuntteam Van Weerden Poelman en Van der Griend waren er niet bij. Bakkenes ging mee als reserve voor het stuntteam. Hij ging in Zwitserland solo optreden.
Tijdens de vlucht van Soesterberg naar Zwitserland op 11 augustus hadden de mannen bijzonder slecht weer tussen Bonn en Koblenz. Ze raakten elkaar daardoor tijdelijk kwijt, maar slaagden er toch in als groep te landen op het vliegveld Dübendorf van Zürich.
Schott won op zeer overtuigende wijze de alpenvlucht over 365 km en kreeg als beloning de Coupe d'Echard. Het team van Steup trad waarschijnlijk op als trio, en behaalde ook een mooie prijs.
Op de terugweg op 23 augustus kwamen ze opnieuw in slecht weer terecht. Steup en Mutsears moesten allebei een noodlanding maken. De vliegtuigen bestuurd door Sandberg, Schott en Bakkenes kwamen veilig op Soesterberg aan. De Fokker van Mante en Rombout was bij een landing op Bellinzona over de kop gegaan en beschadigd. Zij keerden per trein huiswaarts.

Per 27 augustus 1927 kreeg Sandberg de rang van reserve 1ste luitenant, nog altijd bij het Wapen der Cavalerie. 
De echtgenote Theodora van Gerhard overleed reeds in Soesterberg op 2 november 1927. Het lijkt waarschijnlijk dat dit gebeurde als gevolg van een complicatie bij een bevalling. Dit was zijn oudere collega Floris van Heyst in 1921 ook overkomen met zijn eerste vrouw.
Van 1927 tot 1932 woonde Sandberg op Oude Tempellaan 6, hemelsbreed ongeveer 200 m van het voetbalveld waar hij voortdurend zijn talenten met de bal liet zien.

Een afgeblazen recordvlucht

Vanaf 7 april 1928 verschenen er veel krantenberichten dat de Amerikaanse groot-tourist John Henry Mears het record van snelste reis rond de wereld wilde terugpakken. Dit had hij in 1926 verloren aan Linton Wells en Edward Evans. Voor het onderdeel Londen-Tokyo dat op 18 juni van start zou gaan, had hij de Soesterbergse luitenants Schott en Sandberg geëngageerd, die belangeloos zouden deelnemen. Bij Fokker in Amerika had hij daartoe een Super Universal met een 410 pk Wasp gekocht. Deze was voorzien van een grotere vleugel en zou in mei per boot naar Amsterdam worden vervoerd, daar worden gemonteerd en door Schott en Sandberg worden ingevlogen. Half mei werd bekend gemaakt dat Mears zijn plannen had gewijzigd en de vluchten zou gaan maken met een Fairchild eendekker met opvouwbare vleugels. Hij volbracht zijn reis in juli in ruim 23 dagen. Jammer voor de Soesterbergse vliegers.

Wat wel doorgang vond was de luchtvaartdag op Waalhaven op 21 juli 1928. Daarbij werd luitenant George Koppen gehuldigd voor zijn retour postvlucht naar Indië in oktober 1927. Er waren diverse wedstrijden met sportvliegtuigen. Onder meer moesten ballonnetjes kapot worden gevlogen. Sandberg in een Pander vernielde er in zeer korte tijd vijf en won daarmee de eerste prijs.

Boven Soesterberg
In 1928 werd Sandberg instructeur bij de Vliegschool van Versteegh. Op 24 augustus dat jaar raakte hij onverwacht in een levensgevaarlijke situatie. Na van Soesterberg te zijn opgestegen met de Fokker D.7 nummer 260 maakte hij een looping. Daarbij brak een stang van het hoogteroer. Dat hij er toch in slaagde veilig te landen werd door zijn collega's beschouwd als een uitzonderlijke prestatie.
Soms werd boven Soesterberg in het donker gevlogen. Voor nachtvliegoefeningen die tevoren waren aangekondigd stegen op 12 juni 1929 Van Weerden Poelman en Bakkenes op in een van de drie Fokker F.7a-3m bommenwerpers die de L.V.A. bezat. Veel publiek was uitgelopen om te zien hoe deze 'vijand' meerdere keren werd gevangen in de bundels van schijnwerpers en vervolgens werd aangevallen door een jager die werd bestuurd door Sandberg.

Gratis reclame voor Fokker
Vanaf begin 1930 leverde Fokker aan Soesterberg nieuwe jagers van het type D.16 om de aftandse D.7's te vervangen (de nummers 275 t/m 288). Sandberg vloog in september dat jaar met de D.16 nummer 276 naar Boekarest en nam daar deel aan een internationaal concours voor gevechtsvliegtuigen. Hij voerde al de voorgeschreven onderdelen zo feilloos uit dat hij deze wedstrijd met glans won. Dit was waarschijnlijk de reden waarom de 276 in Roemenië achterbleef. Daarna werd aan de L.V.A. een tweede 276 geleverd (noot 1).

Als eenling van Soesterberg weer naar Zürich
Voor de tweede keer in Zürich leverde Sandberg grote prestaties in juli 1932 tijdens de derde internatioale vliegmeeting. Deze keer was er geen geld om zo'n equipe naar Zwitserland te sturen. Sandberg deed daarom mee op eigen initiatief en hij moest de kosten zelf betalen! Bij de alpenvlucht om de Coupe d'Echard eindigde hij op de zesde plaats, doordat de motor van zijn Fokker D.16 nummer 277 niet helemaal perfect liep. Maar op 31 juli in strijd met 17 van de beste concurrenten uit veel landen legde hij met overtuigend kunstvliegwerk beslag op de tweede plaats achter de Fransman Amouroux met een Morane Saulnier. Op de terugweg landde hij op het vliegveld van Dijon en gaf daar enige demonstraties. Daar vandaan vloog hij in 2 uur en 35 minuten met zijn 277 terug naar Soesterberg, waar hij op donderdag 4 augustus om 6 uur arriveerde (foto 4 - noot 2 - foto 5).
Nog altijd lid van de Soesterbergse voetvalclub werd Sandberg in februari 1933 redactielid van het toen door de voetbalclub opgerichte verenigingsblad Soesterberg Revue.

Zweefvliegclub op Soesterberg
Luitenant Sandberg was een van de pioniers met betrekking tot het zweefvliegen in Nederland. Hij werd gekozen tot vice-voorzitter van de zweefclub die voorjaar 1933 in Soesterberg werd opgericht. Op 8 juni tijdens een propaganda-avond in Huis ten Halve vertoonde hij films die waren opgenomen in Noordwijkerhout van vluchten door de Eerste Nederlandsche Zweefvliegclub ENZC. Toen de Soesterbergse zweefvliegers op 15 juli de eerste vluchten maakten op het terrein aan de Banningstraat, waren het voorzitter Van Goor den Oosterling en Sandberg die het spits afbeten. Voor een groot publiek demonstreerden ze waartoe het toestel De Krakeling in staat was. Deze club bestond helaas niet lang (zie apart artikel over de zweefvliegclub). 

Tegenstrijdige berichten
Volgens een krantenbericht werd jhr. luitenant G. Sandberg in februari 1933 eervol ontslagen uit de militaire dienst en benoemd tot 1ste luitenant bij het Wapen der Cavalerie. Maar nog altijd woonde hij in Soesterberg en fungeerde hij als vlieginstructeur. Dit blijkt ook duidelijk uit het feit dat hij was betrokken bij het tragische ongeval van zijn collega Van Asch van Wijck en drie anderen op 13 oktober 1933 (zie apart artikel over Van Asch van Wijck).
Hij verhuisde naar De Paltz 4 waar sinds 1932 Van Asch van Wijck had gewoond. Sandberg nam waarschijnlijk de huur van deze woning over nadat zijn collega kort daarvoor was verongelukt. Naast zijn taak op Soesterberg fungeerde hij ook als testpiloot voor Fokker.

Deelname aan de Soesterbergse gemeenschap
Sandberg was in Soesterberg niet alleen lid van de voetbalclub. In het dorp werd hij ook meerdere keren gekozen als lid van een ere-comité. Dit was onder meer het geval toen er op 2-3 juli 1930 een groot zangconcours plaats vond bij de Oude Tempel, en toen in oktober 1934 de gymnastiekvereniging AGAVS een grote fancy fair organiseerde. Hieruit blijkt dat Sandberg net als Koppen, Van der Griend en Van Giessen sterk bij allerlei dorpse aangelegenheden was betrokken.

Tweede huwelijk
In Valkenswaard trouwde Gerhard Sandberg op 20 februari 1934 met Henriëtte Anna Philips, dochter van grootindustrieel Anton Frederik Philips en Anna Henriëtte Elisabeth Marie de Jongh. Zijn tweede echtgenote was geboren in Eindhoven op 26 oktober 1906 en was weduwe van ir. Adriaan Knappert. Dit huwelijk werd gesloten in de N.H. Kerk aldaar. Ter gelegenheid van deze trouwpartij vlogen 12 vliegtuigen van Soesterberg over Valkenswaard.

De grote vliegshow op Soesterberg
Op 14 juli 1934 werd het 20-jarig bestaan van de Luchtvaart Afdeling met een jaar vertraging op grootse wijze gevierd. Er waren ca. 52.000 toeschouwers. Zij genoten van een spannend programma met 10 nummers. Piet van der Griend liet iedereen griezelen door zijn gewaagde en adembenemende stunts in een oranje gespoten Fokker S.4. De instructeurs Sandberg en Daan Lambermont gaven als punt 5 een spectaculaire show, beiden met een Fokker D.16 jachtvliegtuig.
Het echtpaar Sandberg kreeg op 8 april 1935 in Amersfoort zoon jhr. Gijsbert Gerhard.

Fataal ongeluk
Sandberg verliet de militaire dienst in 1934. In april 1935 werd hij lid van de directie van de Fokker-fabriek. De Turkse regering inviteerde deze fabriek om de verkenner C.10 die voor de L.V.A. en de LA-KNIL in aanbouw was, daar te demonstreren. Ook andere fabrieken zouden aantreden met het doel dat de Turken een van deze producten zouden aanschaffen. Het tweede prototype van de C.10 PH-AKY werd op Schiphol getest met onder meer duikvluchten. Deze verliepen tot volle tevredenheid van constructeur dr. Schatski en de invlieger Meinecke. Het plan was dat Sandberg met kapitein B.H.F. van Lent van de LA-KNIL gedurende drie weken op weg naar Turkije op diverse vliegvelden demonstraties met de C.10 zou geven. De reis zou gaan via Dijon in Frankrijk, Zürich, Boedapest, Belgrado, Sofia, Istanbul, Ankara en de vliegvelden Eskeshir en Kaisery in Turkije.

Sandberg en Van Lent vertrokken van Schiphol op 27 augustus (foto 6). Ze landden eerst op Welschap bij Eindhoven. Op weg naar Dijon werd het weer zo slecht dat ze naar Welschap terugkeerden. De volgende dag vlogen ze via het Rijndal naar Keulen en volgden ze de route verder naar Turkije. De demonstraties verliepen naar wens.

Op 5 september vloog Sandberg zonder Van Lent de C.10 voor bij Ankara. Het was een snikhete dag. Hij maakte een lange duik vanaf ca. 5.000 m. De toeschouwers zagen dat ongeveer halverwege een vleugel afbrak. Met een snelheid van naar schatting 500 km/u stortte het vliegtuig vrijwel loodrecht neer. Het vloog niet in brand. De wrakstukken van de Fokker lagen verspreid over een afstand van 500 meter. Sandberg werd dood aangetroffen. Omdat zijn riemen niet waren losgemaakt, bleek dat hij geen poging had gedaan eruit te springen. De conclusie was dat hij tijdens de lange duik bewusteloos moest zijn geraakt. Op verzoek van de familie werd met een Junkers Ju 52 van de Deutsche Lufthansa, de D-APIR Emil Schäfer zijn stoffelijk overschot op 10 september naar het vliegveld Welschap overgevlogen (foto 7). De Junkers was op het kielvlak zoals alle Duitse civiele vliegtuigen van hakenkruisen voorzien. Onder de vele aanwezigen in Eindhoven waren ir. B. Stephan van Fokker en enige collega's van Soesterberg met hun vliegmachines (foto 8). De uitvaart vond plaats op 12 september op de algemene begraafplaats van Woensel bij Eindhoven (noot 3).
Kapitein van Lent bleef nog enige tijd in Nederland (noot 4).

LUITENANT SANDBERGS INCIDENTEN MET VLIEGTUIGEN

De naam van Sandberg komt weinig voor in de ongevallen rapporten.
24 april 1923 - neusstand met de Spijker V.2 nummer 46.
30 juni 1926 - door onderstel gezakt met de Fokker C.4 nummer 550.
25 mei 1928 - door onderstel gezakt en vleugel beschadigd van de Fokker F.7a-3m bommenwerper.
24 augustus 1928 - geland met defect hoogteroer met de Fokker D.7 nummer 260.
30 januari 1933 - op Soesterberg te hoog afgevangen met ambulancevliegtuig Fokker S.2A nummer 94. Geen schade genoteerd.

Adressen van Sandberg:

1927 Oude Tempellaan 6 Soesterberg
1932 (mei) Hotel Figi in Zeist
1933 (mei) Paltz 4 Soesterberg
1934 (april) De Genestetlaan 9 Amersfoort

NOTEN
Noot 1. De tweede 276 ging op 15 januari 1932 verloren, doordat René Wittert van Hoogland zijn test op het optreden van 'wingflutter' even te lang doorvoerde. Hij landde ermee onzacht tussen bomen, maar liep alleen wat schrammen op. De derde 276 stortte neer op 23 september 1935 nadat deze Fokker met sergeant Steensma bij de Loosdrechtse plassen van achteren door een van twee begeleidende toestellen aan de staart was beschadigd. Hij kon nog doorvliegen tot boven de Leusderheide en redde zichzelf daar met zijn Robur-parachute.

Noot 2. De D.16 277 was op Soesterberg een ‘bijzondere vogel’. De oorspronkelijke Armstrong Siddeley Jaguar werd als experiment vervangen door een sterkere Jaguar. Daarna door een A.S. Panther van 570 pk, met een blanke NACA-kap en een driebladige propeller. Als gevolg daarvan konden geen gesynchroniseerde mitrailleurs worden aangebracht.

Noot 3. Nadat haar man was verongelukt, hertrouwde Henriëtte Philips in New York op 29 september 1938 met jhr. Hendrik Abraham Cornelis van Riemsdijk. Gijsbert Gerhard Sandberg was later ingenieur bij North American Philips Comp. in New York.

Noot 4. Ondanks deze crash met een Fokker in Turkije werd ir. Bruno Stephan die sinds 1925 adjunct-directeur en commerciëel leider was van de Fokker-fabriek in november 1935 als enige buitenlander aangesteld bij het Turkse ministerie van defensie. Hij werkte daar tot na de oorlog als luchtvaartkundig consulent. - Kapitein van Lent had de LA-KNIL in juli 1935 ook al vertegenwoordigd bij de begrafenis van de 4 bemanningsleden van de Fokker F.22 PH-AJQ van de KLM die op 14 juli neerstortte. Hij beleefde op 11 november 1935 zelf bijna een soortgelijk ongeluk als dat van Sandberg, tijdens een testvlucht met een geheel nieuwe Fokker C.10 voor Indië. Kort nadat hij op ca. 5.000 m hoogte boven het Noordzeekanaal een ferme duik had ingezet, brak de propeller van zijn machine en de beide helften werden weggeslingerd. Hij voerde een noodlanding uit in de Sloterdijkpolder. Het toestel met nummer 459 werd daarbij flink beschadigd, maar hijzelf bleef ongedeerd. De eerste C.10 voor Indië (nummer 450) was reeds op 7 december 1934 - gevlogen door Meinecke - verloren gegaan bij Hoorn. De plaatsvervanger ervan, ook 450 genummerd, was eerder door Van Lent in Nederland getest en juist op 6 november bij Bandung officieel in gebruik genomen. Van Lent werd op 11 november door minister Colijn ontvangen en kreeg van hem een groot compliment voor zijn goed uitgevoerde noodlanding.

Bronnen:

Historische kranten en tijdschriften
Het Rode Adelsboek 1987

Foto's


1 Gerhard Sandberg als 1ste luitenant, in het uniform van zijn wapen, de cavalerie.- NIMH


2 Links Sandberg als ‘pink’ van De Vijf Vingers, opvolger van Jacob Jongbloed.  - NIMH


3 De mannen die naar Zürich gingen, gefotografeerd vóór 1 augustus. Staande vlnr de piloten Sandberg, Rombout, Steup, Schott, Mante, Bakkenes en Mutsaers. - NIMH


4 Sandberg op Soesterberg voor de speciale Fokker D.16 nummer 277. - NIMH


5 De 277 in de latere versie met NACA-kap en een driebladige propeller. - NIMH


6 Sandberg en Van Lent vóór de start van Schiphol. - Haagsche Courant 28.09.1935


7 De Junkers Ju 52 die het stoffelijk overschot naar Welschap bracht. - Haagsche Courant 11.09.1935


8 De laatste groet door enige collega's van Soesterberg op Welschap. - Nieuws van de Dag 11.09.1935

Contact

Historische Vereniging Soest/Soesterberg
Steenhoffstraat 46
3764 BM Soest




De Historische Vereniging Soest/Soesterberg heeft een ANBI-status.

Word lid

Lid worden van de Historische Vereniging Soest-Soesterberg.

Lid worden

Sponsor

Historische Vereniging Soest / Soesterberg is mede mogelijk gemaakt door:

Reto