
Auteur: Dik Top
Frederik (Frits) Karel Bahle werd op 14 juli 1875 geboren in Utrecht. Zijn vader Frederik Hendrik Bahle was daar deurwaarder van het Provinciale Gerechtshof en overleed in 1893. Zijn moeder was jonkvrouwe Elvire Louise Julie van Alphen. In 1896 en 1897 werd Frits als sergeant van het 5de Regiment Infanterie enige keren genoemd in verband met een opleiding in schieten, gymnastiek en zwemmen.Op 9 september 1899 vertrok hij vanuit Rotterdam met het stoomschip Merapi naar Batavia, waar hij op 16 oktober aankwam. Op Java werkte hij bij de Deli Spoorweg Maatschappij. Wanneer hij naar Nederland terugkeerde is niet bekend, wel dat hij Frans, Duits en Maleis sprak. Vanaf maart 1903 was hij als hulptekenaar werkzaam bij de Maatschappij tot Exploitatie der Staatsspoorwegen op een kantoor in 's Hertogenbosch. In 1906 was hij in vaste dienst op het centraalbureau van deze maatschappij in Utrecht. Later werd hij omschreven als ingenieur.Hij kreeg interesse voor het vliegen. Op de internationale tentoonstelling Olympia voor luchtvaartschepen in Londen stond in april 1909 een model van hem. De enige beschrijving die daarbij was vermeld, was 'Model Patented in England'. Het zag eruit als 'een vogel, de vleugels bestaande uit twee gekromde te zamen lopende vlakken.'Van zijn werkgever kreeg Bahle meerdere keren verlof 'voor het vervaardigen van een toestel voor luchtvaart.'. De tweede keer van 7 december 1908 tot 1 september 1909, de derde keer van 14 maart 1910 tot 24 april 1912 om dezelfde reden.
Gedurende deze periodes was hij actief op het vliegterrein op de Molenheide bij Breda. In Utrecht was hij al in 1909 begonnen aan de bouw van een eigen vliegtuig met een motor van Anzani. Olieslagers had dit ontwerp bekeken en gezegd dat hij zelden zo'n solide vliegmachine had gezien.
Op de Molenheide bij Breda was is december 1909 de Eerste Nederlandsche Vliegvereeniging opgericht met al directeur de Engelsman Ernest Archer. Daar werd eind augustus 1910 de eerste vliegweek gehouden. Waarschijnlijk in verband hiermee liet Bahle zijn machine per trein naar Breda vervoeren en op 26 augustus verder vervoeren naar de Molenheide. Archer maakte er vluchten. Op 29 augustus 1910 kon het publiek het toestel van Bahle bekijken. De vleugels hadden van voren gezien een langgerekte S-vorm. Het toestel kreeg de naam Albatros en de aanduiding Bahle 1. Op 8 oktober 1910 verscheen het bericht in de krant: Bahle neemt nog proeven, rolt wel maar komt niet in de hoogte. Met dit toestel werd waarschijnlijk nooit een vlucht gemaakt.
Daarna begon hij aan de bouw van een kopie van een Blériot XI - de Bahle 2. Deze had ook eerst een 3-cilinder motor van Anzani, die met 35-40 pk iets sterker was dan die van zijn eerste machine.
Gijs Küller demonstreerde begin november gedurende enige dagen met succes zijn grote Antoinette op de Molenheide.
Volgens een bericht in de Delfsche Courant van 10 januari 1911 had Bahle het kleine achterwiel vervangen door een rottan slee en was dit toestel stabieler dan de originele Blériot. Op deze machine vloog Adriaan Mulder onder het toezien oog van onder anderen Bahle die dag vier keer gedurende enkele minuten. Aan de laatste vlucht kwam een einde doordat een cilinder ‘sprong’, maar hij had toen al 1/3 van zijn examen afgelegd. Bahle was al begonnen aan de bouw van een derde Blériot. Deze zou een sterkere Labor-Pick met 4 cilinders krijgen.
Precies onder ditzelfde bericht in de Delftsche Courant stond dat de burgemeester van Soest afwijzend had beslist over het verzoek van de kerkeraad van Soesterberg om het vliegen door de firma Verwey & Lugard op zondagen te verbieden.
Met de Bahle 2 behaalde Adriaan Mulder op 11 februari 1911 als eerste Nederlander zijn brevet in Nederland. Later op deze zelfde dag legde ook Henri Bakker de proeven met succes af. Zelf maakte Bahle ook vluchten met dit toestel. Op 22 februari verscheen hiervan een foto in De Revue der Sporten. Bahle zou op 6 juni demonstraties geven bij Geldermalsen. Over dit optreden zijn geen berichten te vinden. Zijn brevet verkreeg hij op de Molenheide op 17 september.
Na een paar ongelukken gaf Frits Bahle gedesillusioneerd zijn vliegambities op. Hij werkte weer voor de spoorwegen, tot hij voor de derde keer verlof kreeg. Dit duurde van 6 augustus 1914 tot 1 november 1921: 'Voor luchtvaart als vrijwilliger in militaire dienst'. In augustus 1917 verhuisde hij van Amsterdam naar Soest. In de rang van sergeant-majoor kreeg hij een baan als werktuigkundige op het tekenbureau van de L.V.A. op het Vliegkamp Soesterberg. Over zijn activiteiten hier is niets te vinden. Daarna keerde hij weer terug naar de spoorwegen, tot hij op 9 augustus 1925 werd ontslagen wegens invaliditeit. Hij was toen 50 jaar oud. Ongehuwd overleed hij op 14 september 1944 in Den Haag.
Bronnen:
diverse historische kranten en tijdschriften.
1 Frits Bahle in zijn machine, de Bahle
2a en 2b Bericht in de Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche Courant van 30 mei 1911.
3 De Nederlandse brevethouders in alfabetische volgorde in De Nieuwe Courant van 28 oktober 1913
Foto: Revue der Sporten 22 februari 1911
Historische Vereniging Soest/Soesterberg
Steenhoffstraat 46
3764 BM Soest
De Historische Vereniging Soest/Soesterberg heeft een ANBI-status.