De firma AVIA van Cornelius Gordijn jr. en Schelto Scholtens
- vliegen als een vogel bij Soesterberg in 1910 -
Auteur: Dik Top
Een avontuur dat zich afspeelde in de periode 1909 tot begin 1912 op de grens tussen Soesterberg en Amersfoort, in en rond een loods die daar in opdracht van de firma Avia werd gebouwd. Deze stond aan de rijksweg tegenover Kampoord, op enige afstand achter de villa Nieuw Crayenhorst, die eerder de naam Villa Rustoord had gehad en in 1909 bekend stond als pension Rustoord Villa Anna. Deze moest in 1931 plaats maken voor het kindertehuis Kinabu, Amersfoortsestraat 119. Iets wat niet duidelijk naar voren komt in alle berichten over de activiteiten van Gordijn en Scholtens, is of hun loods en hun oefenterrein zich bevonden op grondgebied van de Gemeente Amersfoort of van de Gemeente Soest. Het moet dicht in de buurt zijn geweest van de plek waar Schukking op 28 juli 1908 zijn korte luchtsprong maakte.
Berichten over deze vliegmachine verscheen in heel Nederland, maar we laten in dit artikel de alleen onderstande dagbladen het verhaal vertellen.
A.C. Amersfoortsche Courant
A.D. Amersfoortsch Dagblad
D.C. Delftsche Courant
D.E. De Eemlander
N.A.C. Nieuwe Amersfoortsche Courant
1909
A.C. 7 oktober. Volgens de ‘Nieuwe Courant’ heeft luitenant C. Gordijn, thans van het 7e regiment infanterie, een vlieg-machine uitgevonden, waarbij de toepassing der vliegbeweging op hoogst eenvoudige wijze is gevonden. «Wij zijn overtuigd», zegt het blad, «dat deze machine de bewondering der wereld zal afdwingen en zouden het jammer vinden indien de Reegering geen maatregelen neemt om deze vinding geldelijk te steunen.»
N.A.C. 18 december, onder plaatselijk nieuws. Ingekomen een schrijven van den heer Gordijn om vliegproeven in Amersfoort en omstreken te ondernemen. Dit zou ongetwijfeld duizenden naar Amersfoort trekken.
D.C. 24 december: Vliegen in Nederland. - ‘De Luchtvaart’ vermeldt, dat de heer S. Scholtens te ‘s-Hage zich uit de autosport heeft teruggetrokken en met den heer C. Gordijn Jr. te ‘s-Hage, een nieuw systeem vliegmachine zal exploiteerden. Het gemeentebestuur van Soest heeft aan den heer H. Wijnmalen te De Bilt, een groot terrein in huur gegeven voor het nemen van vliegproeven. Dit bericht over Wijnmalen kwam, voor zover achterhaalbaar, nog vóór de eerste meldingen over de plannen van Verwey en Lugard op Soesterberg! Wijnmalen woonde dus eind 1909 in de Bilt.
1910
D.E. 25 februari. Lokhorst en Van der Velden, aannemers, hebben opdracht gekregen van Scholtens en Gordijn te ‘s-Gravenhage tot het bouwen van een garage voor vliegmachines op een terrein nabij de Vlasakkers waarvoor bereids toestemming verleend is. Binnenkort zal men ze dus ook hier zien vliegen.
A.C. 17 maart. Luitenant C. Gordijn, die hier dezen zomer vliegproeven hoopt te houden, is op zijn verzoek met ingang van 19 maart overgeplaatst van het 7e regiment naar het 5e regiment infanterie.
A.C. 7 april. Cornelis Gordijn, luitenant bij het 5e regiment infanterie en Schelto Scholtens, zonder beroep te ‘s-Gravenhage, hebben te zamen een vennootschap van koophandel aangegaan onder de firma Scholtens en Gordijn, gevestigd te ‘s-Gravenhage, tot exploitatie van Gordijn’s vinding van een vliegmachine en van andere vindingen van Gordijn en Scholtens. De vennootschap is aangegaan voor den tijd van 3 jaren, aangevangen 1 Februari 1910, en kan telken jare stilzwijgend voor 3 jaar worden verlengd. De groote loods, van waaruit luitenant Gordijn zijn vliegproeven zal nemen, is reeds gebouwd op de Vlasakkers, naar den kant van den Utrechtscheweg, zoowat bij den Tweeden tol.
A.D en D.E. Zelfde bericht, met toevoeging door de laatste: Zooals men weet zullen de vliegproeven van luitenant Gordijn hier bij Amersfoort plaats hebben.
A.D. 9 april. Gevestigd: Cornelis Gordijn van ‘s Hage naar Stationsplein 31A.
A.D. 12 april. Een lang bericht dat de Minister van Oorlog heeft benoemd tot leden van de ‘Commissie tot bestudering van het vraagstuk der luchtscheepvaart’ afdeling artillerie 2e luitenant C. Gordijn. Als lid en secretaris H. Walaardt Sacré. De vliegmachine die Gordijn en Scholtens zouden gaan bouwen wordt een ornicopter genoemd.
N.A.C. 13 april. Na het bericht over de opgerichte N.V. Weldra (reeds begin Mei) zullen er vliegdemonstraties gehouden worden. Er is hier op de Vlasakkers, nabij de 2e tol op de Utrechtscheweg een loods gebouwd, waarin de aeroplanes opgeborgen worden. Wij wenschen den ondernemenden heeren veel succes toe!
De Stichtsche Courant van 28 juni sprak een eerder verschenen bericht tegen, dat spoedig met de machine zou worden gevlogen. Wel zou dit gebeuren in juli, maar de bouwers wilden eerst de octrooiwet zien in het Staatsblad en ze wilden de primeur bewaren tot de opening van het vliegpark van de firma Verwey & Lugard.
A.C. kwam op 16 juli met een uitgebreid verslag, over de ontwikkelingen bij zowel Verwey en Lugard als bij Gordijn en Scholtens: In het jongste nummer van ‘De Auto’ is onder meer opgenomen een groote photo, voorstellende den vlieger J.W.E.L. Hilgers op diens Blériot-monoplane, waarmede hij binnenkort op de terreinen van de firma Verwey & Lugard zal vliegen. Zooals we in het vorige nummer meedeelden, zal genoemde firma zoo mogelijk nog deze maand haar vliegpark bij Soesterberg openen met vluchten van Franchimont, eveneens in een Blériot. Op een ander deel der heide wachten den belangstellenden nog vluchten, die een evenement kunnen zijn in de sportwereld - laat ons dit hopen voor de zoekers en de werkers. De aeroplanes zijn alle gebaseerd op den vol-plané, het systeem dat ook ten grondslag ligt aan den jongensvlieger. De heeren gebrs. Scholtens en luitenant Gordijn willen echter vluchten maken met een toestel, dat ook den vol-plané toepast. Zij nemen dus het idee van den vleugelslag weer op. Liliënthal, de groote zoeker in deze richting, is in 1896 bij zijn proefnemingen verongelukt. Sedert is er weinig meer gehoord over de toepassing van den vleugelslag, vooral toen Wright, Blériot, Farman en anderen zulk een resultaat hadden met den enkelen vol-plané. Luitenant Gordijn zette echter in zijn studies het werk van Liliënthal voort. In het begin van dit jaar werd hij met het oog op zijn werken van ’s-Gravenhage naar Amersfoort overgeplaatst. De Minister van Oorlog stelde 2000 H.A. van de Soesterheide te zijner beschikking en sedert eenige maanden troont de hangar van Gordijn en zijn associé’s, de gebrs. Scholtens, op hoogte 42, een mooi punt met hellend plateau, waarvan H.M. de Koningin-Moeder het terrein overzag bij de jongste divisie-manoeuvres. Einde Augustus hopen de heeren gereed te zijn. De heer S. Scholtens zal het nieuwe toestel lanceeren. Waarschijnlijk is het een biplane, met de vleugels achter het zweefvlak.
D.E. van 8 augustus 1910: Naar de N.R.Ct. verneemt, wordt door de 2e luitenant der infanterie te Amersfoort H.J. Gordijn, een vliegmachine vervaardigd met slaande vleugels. De machine wordt gemaakt in een daarvoor gebouwde loods ’Avia’, in de nabijheid van den rijksstraatweg Amersfoort-Utrecht, bij de z.g.n. ‘Stompert’. Omtrent de voorgenomen plannen wordt de grootst mogelijke geheimhouding in acht genomen. De onderneming gaat uit van de heeren Gordijn en Scholtens.
A.C. 9 augustus. Het zegge is dat luit. C. Gordijn in zijn loods ‘Avia’ bij den Stompert een vliegmachine vervaardigt met slaande vleugels. Het kan wel September worden eer gevlogen wordt.
D.E. 11 augustus. Het telkens opduikend bericht, als zou door luitenant C. Gordijn of diens associé’s, de heeren Scholtens, reeds binnenkort gevlogen worden op de heide tusschen Soesterberg en Amersfoort, mist allen grond, zegt de Tel. Wanneer het genoemden heeren te doen was geweest om vliegen in Nederland te doen demonstreren voor Nederlanders, dan zouden zij anderen zijn voor geweest. Dan had het reeds in het begin dezes jaars plaats gehad. Hun reis naar de Franse fabrieken had toch plaats November 1909, financiën waren geen bezwaar, prachtig terrein is welwillend van den Minister van Oorlog te hunner dispositie. Het werken beoogt echter, iets anders dan vliegen als sport. Zij willen bereiken, wat nog nergens bereikt is, namelijk vliegen met vleugelslag. Slagen zij, dan is Nederland vooraan in plaats van na te komen, en de heeren hebben hoop. Zij zijn tevreden over de verkregen resultaten. Er zal echter nog wel eenige tijd mede heengaan, voor het toestel geheel beantwoordt aan de eischen die zij stellen. En eerst moet het zoover zijn, ze hebben geen haast. Hun debuut moet slagen zijn. De voortbeweging is met slaande vleugels, wier standhoek vanzelf weizigt naar behoefte. Er zal dus een automatische equilibreur [zorgen] voor het transversale evenwicht. Uitgeschakeld wordt daardoor het gauchissement (kromtrekken), of dat gebeurt door scheluwtrekking van het zweefvlak, zooals bij Wright of door ailerons of bijvlakken. Het chassis is van aluminium en van getrokken staal. Tegen het zoeken om de vleugelbeweging te gebruiken bij vliegtoestellen wordt vaak aangevoerd, dat bij mechanische voortbeweging over den grond of in het water de rotatie het gewonnen heeft van de nabootsingbewegingen van paard of visch. Zoo zal het ook zijn bij voortstuwing in de lucht. Hiertegen wordt het volgende door luitenant Gordijn aangevoerd. De rotatie is te land en te water gebleken meer practisch te zijn dan poot- of vinbeweging. Is men echter gekomen tot aeroplane met schroef, omdat deze wijze beter bleek dan vogelbeweging? Neen, nog nooit heeft men tot dusver een toestelletje met vleugelslag in de hoogte kunnen krijgen. Het vliegen is met de aeroplane gelukt, ziedaar alles. Van ‘beter dan vleugelslag’ is nog geen sprake. Zooals boven is vermeld, stelde de Minister van Oorlog het groote terrein, naar wij meenen 700 H.A., ter beschikking van de heeren Gordijn en Scholtens. Z. Exc. interesseert zich bijzonder voor hun werk.
Een bericht uit het archief van de Gemeente Soest: Tweede luitenant H.J. Gordijn en S. Scholtens vroegen bij de Gemeente Soest om een vergunning tot het experimenteren met vehikels met slaande vleugels. Hun firma zou op 20 april 1910 zijn opgericht, en ze vestigden zich in een loods onder de naam ‘Avia’ in de buurt van Soesterberg. Een poging tot vliegen zou onder meer zijn gedaan in augustus van dat jaar. De loods werd ook wel betiteld als hangar.
A.D. 12 september. Bericht dat 2e luitenant C. Gordijn is bevorderd tot 1ste luitenant.
A.C. 22 november. Luitenant C. Gordijn van het 5e regiment infanterie heeft gisteravond te Amsterdam in de vereeniging van landweer-officieren gesproken over het luchtvaart-vraagstuk. Ook vele actief dienende en verlofs-officieren woonden die vergadering bij. Spreker zal 16 Januari voor dezelfde vereeniging het derde deel zijner voordracht opleveren.
1911
A.D. 4 januari. De 1e luitenant Gordijn heeft toezegging gedaan om in de maand Februari eene voordracht te houden over aviatiek
D.E. 4 februari. 9 Februari lezing Gordijn in de Arend voor de Kon. Bond van oud-onderofficieren.
A.D. 10 februari. Uitgebreid artikel over de gehouden lezing van luitenant Gordijn. Hij liet de hele ontwikkeling van het vliegen de revue passeren, lichter dan lucht (ballonnen, luchtschepen) en zwaarder dan lucht (vliegmachines). Zijn conclusie was: Het vogelvliegen is nog niet overwonnen.
A.C. 4 maart. Luitenant C. Gordijn is bij een zijner proefvluchten gevallen en heeft een enkel gebroken. Een in de buurt zijnde auto heeft hem naar het Militair Hospitaal gebracht.
N.A.C. 8 maart. Bij nader onderzoek blijkt, dat luit. Gordijn Vrijdag niet bij een vlucht is gevallen doch in de loods op de Vlasakkers een zwaar voorwerp op den voet kreeg, dat hem den enkel brak.
D.E. 26 mei. Na enige voorbeelden van officieren die betaald verlof hadden gekregen om vlieglessen te kunnen nemen (Versteegh, Van Heyst e.a.) ging het artikel verder met Vliegen in het Nederlandsch leger. De eerste luitenant C. Gordijn heeft ook verlof met behoud van traktement genoten en wel voor het vervaardigen van een door hem ontworpen vliegmachine. Na afloop van dit verlof heeft hij er nog een half jaar bij gekregen om - de volgorde is wel wat wonderlijk! - het vliegen te leeren en wel met een eigen toestel, op een terrein te Amersfoort.
A.C. 5 oktober. Het denkbeeld, dat luitenant C. Gordijn in zoo menige zijner voordrachten heeft bepleit, schijnt door de gebroeders Wright te zijn verwezenlijkt. Volgens de ‘Journal’ hebben zij proeven genomen met een nieuwe aeroplane, die, wanneer de uitslag aan de verwachting beantwoordt, een ware revolutie in de vliegsport zal teweegbrengen, namelijk een vliegmachine z o n d e r schroef. Het moet hun gelukt zijn, de motorische kracht aan te wenden ook voor de voortbeweging van de vleugels, op het voorbeeld van het vliegen der vogels, waardoor de schroef te eenen male overbodig is geworden.
A.C. 14 december. Aan luitenant C. Gordijn van het 5e regiment infanterie is non-activiteit verleend.
1912
A.C. 2 maart. Reeds geruimen tijd geleden maakten wij - aldus het Dagblad voor Noord-Brabant - melding van het feit, dat een landgenoot, De Beer geheeten, in de buurt van Marseille bezig was met het vervaardigen van een vliegmachine met beweegbare vleugels. Onze landgenoot werkte in stilte en heeft blijkens een door ons ontvangen telegram uit Miramar, thans succes gehad. Met een De Beer-eendekker maakte een andere landgenoot, Willy Loomans, eenige vluchten, die uitstekend zijn geslaagd; de beweegbare vleugels werkten uitmuntend, terwijl de bestuurder vol lof was over de machine. Luitenant Gordijn blijkt dan toch maar gelijk te hebben.
Na dit zeer dubieuze persbericht viel het doek voor Gordijn als luchtvaartpionier definitief.
A.C. kwam op 18 mei 1912 met het laatste bericht onder aangesloten telefoons met nummer 94: De heer S. Scholtens, de zogenaamde vliegloods bij de Stompert.
Meerdere dagbladen van 10 september 1913 kwamen met een P.S. In villa ‘Nieuw Crayenhorst’ tussen Soesterberg en Amersfoort werden ten gevolge ener vordering van de heer Scholtens per executie enige goederen verkocht, waaronder een nieuwe vliegmachine met Anzani-motor. In vennootschap met de gebr. Scholtens legde luitenant Gordijn zich indertijd toe op de constructie van een vliegtuig, waarbij de vleugelslag kon worden toegepast. De vliegmachine met motor werd voor f 75 eigendom van den heer A. Staal te Soest (afb. 1)
Cornelius Gordijn jr. werd geboren op 24 november 1880 in Amsterdam als zoon van Cornelius Gordijn en Anna Maria van den Bosch. Hij trouwde op 23 februari 1911 in Utrecht met de joodse Sara de Vries. Door zijn gebroken enkel bleef hij wat mank lopen en werd hij in 1914 gepensioneerd als eerste luitenant. Na een baan bij een verzekeringsmaatschappij werd hij in 1915 benoemd tot commandant van de Amsterdamse brandweer. In deze functie lanceerde hij meerdere uitvindingen, waaronder een brandverklikker. Hierdoor werd hij in binnen- en buitenlandse brandweerkringen zeer bekend en erkend. Voor zijn verdiensten werd hij in 1924 benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Hij overleed op 14 augustus 1941 tijdens een operatie voor maagkanker.
Schelto Scholtens werd op 17 juli 1886 geboren in Haarlem als zoon van Jannes Scholtens en Maria Wilhelmina le Compte. In de Nederlandsche Staatscourant van 12 april 1906 werd bekend gemaakt dat hij verzocht het mogen oprichten van een vennootschap van koophandel in Den Haag onder de naam de Mooy. De opzet was het bouwen van carrosserieën en het kopen, verkopen en repareren van nieuwe en tweedehands automobielen. Dat bedrijf zal, gezien de activiteiten van Scholtens samen met Gordijn op Soesterberg, niet lang stand hebben gehouden (noot). Maar hij liet spoedig weer van zich horen. De Apeldoornsche Courant van 13 april 1912 meldde dat binnengekomen was een verzoek met bijlagen van Schelto Scholtens, wonende te Soesterberg, om vergunning tot oprichting van eene inrichting tot het vervaardigen en herstellen van automobielen en motorrijtuigen, met een gasmotor van 14 paardenkracht en eene benzinebewaarplaats, op het perceel kadastraal bekend Gemeente Apeldoorn Sectie H. no. 3402, gelegen aan den Deventerstraatweg, hoek Kerklaan.
Noot.
Het Haagse garagebedrijf De Mooy & Co werd opgericht door Schelto Scholtens en F.M.L. van der Trappen en stond op Nieuwe Schoolstraat 73-77. Zij waren toen carrosseriebouwers. Reeds in 1907 gingen ze samenwerking aan met Frits Koolhoven en begonnen ze met de verkoop van automobielen van het Belgische merk Minerva, waar Koolhoven voornamelijk als coureur enige jaren had gewerkt. De nieuwe naam van het bedrijf werd Minerva Koolhoven & Cie. Ze werden hoofdagenten voor Nederland en Koloniën. Koolhoven trok zich spoedig terug. In 1910 ging hij naar Frankrijk om te leren vliegen en vliegtuigen te bouwen. Scholtens heeft de zaak in Den Haag mogelijk nog enige tijd voortgezet.
Historische Vereniging Soest/Soesterberg
Steenhoffstraat 46
3764 BM Soest
De Historische Vereniging Soest/Soesterberg heeft een ANBI-status.