Historische Vereniging
Soest/Soesterberg

035-602 38 78
info@hvsoest.nl


RETO


Historische Vereniging Soest/Soesterberg is een ANBI (Algemeen Nut Beogende Instelling) instelling.
ANBI instelling

Isings, C (mevr) (2-4-1905)

Terug naar overzicht

Geïnterviewd doorWim de Kam op 9-1-2002
AdresKolonieweg Soest
GeborenKolonieweg Soest
Beroephoogleraar archeologie


Track 1Geboren in het huis aan de Kolonieweg waar ze nu( 2002) nog woont. Was de oudste in vaders tweede gezin. Moeder was voor haar huwelijk directrice van het koloniehuis trein 8.28 en heeft de eerste vrouw van dhr.Isings verpleegd tijdens haar ziekte (tbc) waaraan zij alsmede de kinderen uit het eerste huwelijk (3) zijn overleden.
Moeder was inmiddels particulier verpleegster na een conflict met het bestuur die de huishoudster van de instelling had ontslagen omdat zij de directrice zou hebben beïnvloed bij de bekering tot het geloof.
Herinnering aan de Eng uit vroege kinderjaren.
Niet naar school omdat vader tegen de verplichte pokkenprik was. Daarom huisonderwijs gekregen van de dames Pontier van het Julianaplein. Ook een kleuterklasje bezocht bij familie Pontier, alsmede later een handwerkklasje.
Vader had contact met "oom" Rinke Tolman en dominee van Schaick die ook van natuur hield.
Op 12-jarige leeftijd naar Baarns lyceum (met de trein

Track 2Strenge vader. Wijze moeder. Vaak geposeerd voor vader. Grootvader van moeders kant (van Miert) was kunstschilder te Leiden. Herinnering aan grootouders van vaderszijde. Als ze kwamen logeren werden ze afgehaald in Baarn en daarna met paardenkoets naar Soest. Jaren dertig waren moeilijk. Mede als gevolg van nieuwe spelling bleven uitgevers zitten met onverkoopbare voorraad boeken. Vader kreeg daardoor minder nieuwe opdrachten.
Herinnering aan 1929. Paard voor vuilniswagen gleed uit op de Kolonieweg. Water werd gebracht in wagen met tank. De emmers die vol in de gang werden gezet kregen zelfs binnen een ijslaagje. Niet geschaatst omdat vader bang was voor ongelukken.

Track 3Herinnering aan leraren van Baarns lyceum. Lid geweest van microscopieclubje onder leiding van Noorse lerares plant- en dierkunde. Ook leraar klassieke talen was geweldig.
Thuis waren hobby’s: lezen en handwerken. Verder niet actief in (kerkelijk) verenigingsleven. Ouders waren aanvankelijk gereformeerd geweest maar vader had uiteindelijk bezwaar tegen kinderdoop en leer van de uitverkiezing. Toen lidmaatschap opgezegd want hij vond dat als je ergens lid van was er 100% achter moest kunnen staan. Hij had veel contact met Johannes de Heer, die zij ook heeft ontmoet. De Maranatha conferenties die door Joh. De Heer werden georganiseerd ook bezocht.
Thuis werden samen met andere gelovigen zogenaamde huissamenkomsten gehouden.

Track 4Herinnering aan oorlogsdreiging. Op laatste Koninginnedag voor de oorlog stonden er een aantal jongeren van de jeugdstorm die de Hitlergroet brachten. De buurman(Hinderdael) was een Vlaming die vanwege zijn pro-Duitse houding tijdens de eerste wereldoorlog uit België was ‘ verbannen’. Aanvankelijk was er een goede verstandhouding maar toen vader merkte dat hij ook in de jaren dertig een pro-Duitse houding aannam heeft vader afstand van hem genomen.
Vader weigerde mee te doen aan evacuatie. Was luisteraar naar radio Oranje. In oorlog moest de woning worden verlaten. Toen een tijdje gewoond aan Waldeck Pyrmontlaan. Daar is radio ontdekt. Gelukkig waren vader en broer niet thuis. Ondergedoken in Ermelo, Driebergen en de Bildt.
Zelf had ze in opdracht van vader inmiddels het Baarns lyceum moeten verlaten na 4 jaar omdat daar door de leraar Nederlands een boek werd gebruikt wat volgens vader absoluut niet gebruikt zou mogen worden (vermoedelijk te veel vloeken maar misschien ook wel iets met sex). Toen in Amsterdam bij vrienden/familie gelogeerd en daar verdere voorbereiding op staatsexamen. In Amsterdam Dolle Dinsdag meegemaakt.

Track 5Na de oorlog studeren aan universiteit in Utrecht. Door boek van vader over Egyptelogie was interesse gewekt voor archeologie. Was merkwaardigerwijs in Utrecht gekoppeld aan klassieke talen. Toevalligerwijs in aanraking gekomen met onderzoek van Romeins glas dat aanwezig was in museum Boymans van Beuningen in Rotterdam. Daarover proefschrift geschreven. Vervolgens als assistent en later als hoogleraar werkzaam bij archeologisch instituut te Utrecht. Daaraan leiding gegeven tot 1986 toen het instituut is opgeheven wegens bezuiniging. In relatie daarmee eerst als adjunct en later als hoofdconservatrice nauw betrokken bij de zorg voor de verzameling van het Utrechts genootschap voor kunsten en wetenschappen. De verzameling waarbij zich ook enkele pre-historische vondsten uit Soest bevinden is ondergebracht en fort Rijnouwen en fundatiedepot in Renswoude. Nu nog daar werkzaam alsmede op architectuur-bouwhistorisch centrum aan Zwaansweg in Utrecht.

Track 6Waarschuwing als archeologe om niet te gaan graven naar archeologische vondsten als het niet strikt noodzakelijk is in verband met de realisering van bouwplannen. Nadruk huidige werk ligt op Leidse Rijn. Overweegt om computer aan te schaffen om te kunnen blijven meedoen aan publicaties.
Tot slot nogmaals herinnering aan het mooie Soest uit de jeugd (heide en vogels)